Programma 8 Zorg, Jeugd, Werk en Participatie

Programma 8 Zorg, Jeugd, Werk en Participatie

Net als andere Nederlandse gemeenten hebben wij meer verantwoordelijkheden gekregen rond Jeugdzorg, Passend onderwijs, Participatiewet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) / Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). De nieuw taken pakken wij op via een integrale wijze. Een leefbare gemeente voor al onze inwoners staat centraal. We willen dat iedereen meedoet in de samenleving, niemand staat aan de kant! Boxtelaren doen dit, al dan niet in georganiseerd verband, in principe vanuit eigen kracht. Lukt dit tijdelijk niet? Dan zoeken we samen met partners, vrijwilligers naar ondersteuning.


Meerjarige ontwikkelingen tot en met 2019 (exploitatie)

Toelichting exploitatie

Lasten

  • De totale lasten en baten zijn in 2016 lager dan in 2015. Dit heeft te maken met dalende rijksbudgetten voor het Sociale Domein.
Meerjarige ontwikkelingen tot en met 2019 (reserves en voorzieningen)

Toelichting reserves en voorzieningen

Reserve Sociaal Domein

  • Sinds 2014 zijn de reserves Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Werk en Inkomen samengevoegd tot één reserve Sociaal Domein. De reserve is ingesteld voor het opvangen van de effecten van de decentralisaties in het Sociaal Domein op te kunnen vangen. De reserve kent geen maximum.
Wat mag het kosten?

Toelichting cijfers rekening 2014 – begroting 2015 – begroting 2016

inkomensvoorzieningen

  • De lasten in de begroting 2016 zijn ten opzichte van de begroting 2015 en rekening 2014 gestegen. Het uitkeringsbestand zal in de komende jaren naar verwachting ook niet gaan dalen als gevolg van een opgelegde taakstelling om statushouders te huisvesten.
  • De rijksmiddelen die wij naar verwachting zullen ontvangen zijn als gevolg van het stijgende uitkeringsbestand  hoger.

minimazorg

  • De lasten zijn ten opzichte van de rekening 2014 lager, omdat er in 2014 extra middelen beschikbaar zijn gesteld door het rijk. In 2014 waren de budgetten ten opzichte van de primitieve begroting ook niet toereikend.

participatie

  • De lasten ten opzichte van de rekening 2014 en begroting 2015 zijn lager, omdat er minder aan de WSW wordt doorbetaald als gevolg van de geleidelijke afbouw van de WSW.
  • De baten zijn ten opzichte van de rekening 2014 en begroting 2015 lager, omdat deze middelen zijn opgenomen in het deelfonds sociaal domein en dus onder een ander beleidsproduct worden verantwoord.

maatschappelijke begeleiding

  • De lasten ten opzichte van de begroting 2015 zijn lager. Vanaf 2015 zijn er nieuwe taken bij de Gemeenten gekomen. Hiervoor zijn in 2014 en 2015 incidentele middelen voor de invoering beschikbaar gesteld. 

wet maatschappelijk ondersteuning

  • De lasten ten opzichte van de begroting 2015 zijn lager. De lasten zijn naar beneden bijgesteld, omdat de door het rijk beschikbare budgetten leidend zijn voor de uitgaven. Ten opzichte van de rekening 2014 zijn de lasten veel hoger. De uitvoering decentralisatie Wmo is pas gestart in 2015.

basisgezondheidszorg

  • Vanaf 2015 worden de decentralisatiegelden voor Jeugd op dit beleidsproduct verantwoord. In 2016 zijn de geraamde lasten hoger dan in 2015. Vanaf 2016  worden de middelen voor Jeugd niet meer verdeeld op basis van historische gegevens maar op basis van een objectief verdeelmodel. Dit betekent dat het budget wordt verdeeld op basis van verwachte ondersteuningsbehoefte in een gemeente zoals deze kan worden voorspeld op basis van objectieve maatstaven. Voor Boxtel heeft de herverdeling een positief effect.